Bracanà

Bracanà1 – 1901 (vertaald)
Jean-Claude Acquaviva/Jean-Claude Acquaviva

Een tekst ter nagedachtenis aan twee Georgiërs (Tao en Georges). Beide werden in 1901 geboren in de Kaukasus. Hun lot liep parallel. Ze werden verbannen en stierven ver van huis. De woorden zijn gericht aan hun kinderen die de liefde en nostalgie voor het geboorteland uitdrukken, maar ook de angst voor de terugkeer naar het vaderland.

2 – Dies irae (vertaald)
liturgische zang/Jean-Claude Acquaviva
Zang uit de Via Crucis

3 – Alilo (vertaald)
traditionele Georgische kerstzang
Gegeven aan A Filetta door “Les voix de Géorgie” (De stemmen van Georgië).

4 – Lode à una simpatica zitella (vertaald)
Pampasgiolu/traditioneel

Dit betreft een tekst van de dichter Pampasgiolu. Het werd opnieuw bewerkt door de auteur enkele maanden voor zijn dood. Een eerbetoon aan een meisje. Dit meisje is niemand anders dan Geneviève Geronimi, de moeder van Jean-Luc Geronimi die hier deze lofspraken uitvoert.

5 – Benedictus (vertaald)
liturgische zang/Jean-Claude Acquaviva
Zang uit de Via Crucis

6 – L’invitu (extrait)
Jean-Claude Acquaviva/Jean-Claude Acquaviva
Dit gedeelte komt van de laatste regels van “L’invitu”. Een gezang over Medea, waarbij het koor zijn wensen uitroept tot het vieren van het Koninklijke huwelijk. Ze verzoeken Medea, de verstoten vrouw, het koninkrijk te verlaten.

7 – Beati (vertaald)
liturgische zang/Jean-Claude Acquaviva
Zang uit de Via Crucis

8 – U cantu di l’acqua (vertaald)
Jean-Claude Acquaviva/Jean-Claude Acquaviva
Zang uit de Via Crucis welke zich afspeelt tijdens de passie van Christus. Het moment waarbij Pilatus het lot van Jezus van Nazareth in handen van het Joodse volk geeft.
Een tekst die de ambivalentie van het water weergeeft. Meestal een symbool van het leven, hier veranderend in een doodsboodschap.

9 – Nanna (vertaald)
Traditioneel Georgisch wiegeliedje.


10 – Meditate (vertaald)
Primo Levi/Jean-Claude Acquaviva

Op een tekst van Primo Levi uit “Se questo è un uomo”. Deze creatie komt uit de Via Crucis en benadrukt de dringende noodzakelijkheid om nooit te vergeten dat er wreedheid en gruwel was. Als een waarschuwing voor nieuw opkomend geweld.
Primo Levi zat in het Italiaanse verzet. Hij werd opgepakt en gedeporteerd. Hij keerde als één van de weinige joden terug uit Auschwitz.

11 – Liberata (vertaald)
Jean-Claude Acquaviva/Jean-Claude Acquaviva

De soundtrack van de film Liberata. Deze werd gemaakt in de Balagne met als thema het verzet in Corsica tijdens de tweede Wereld Oorlog. De tekst is geschreven ter nagedachtenis aan Pierre Griffi. Hij was een jonge radio-operator uit Algiers. Hij kwam om het leven te Bastia in 1943 door de zwarthemden (Italiaanse fascisten onder bewind van Mussolini red.).

12 – Scherzi veranili (vertaald)
Petru Santucci/Jean-Michel Giannelli
Woorden van Petru Santucci die de angst van de dichter tonen bij de komst van de lente. Hij vindt dat seizoen door de euforie niet oprecht.

13 – Cuntrastu (vertaald)
traditioneel

Een poëtisch duel vol van humor, gaat tussen een ploertige man en zijn jaloerse vrouw die hem zijn ontrouw verwijt.

14 – Treblinka (vertaald)
Jean-Yves Acquaviva/Jean-Claude Acquaviva

Een tekst van Jean-Yves Acquaviva die met veel gevoeligheid de hoop ondanks de afschuw evenals het leven ondanks de hel weerspiegeld. Geïnspireerd door teksten van Levi, Amry en Semprun.


1 1901

Senti figliolu,
Senti isse voce scatulite da l’oriente
Sò lu mio core andatu,
In e to lacrime, rinvivitu.

Dicenu figliola,
Dicenu le mio muntagne rude
Chì u sole trapughjendu,
Si ne vene è basgia, ridendu.

Torna figliolu,
Torna induv’hè l’ansciu di a partenza
E’azzica in ogni stanza
Li mio sonnii intimuriti.

Da mè figliola,
Da mè ama sta tarra pia
Da mè, Da mè ama a me Geurgia.

1 1901

Luister, mijn zoon
Luister naar die stemmen komend uit het oosten.
Dan hoor je mijn hart, heengegaan,
maar herboren in jouw tranen.

Zij spreken, mijn dochter
zij spreken over mijn ruige bergen
Die de zon als hij ondergaat
komt kussen, lachend.

Keer terug, mijn zoon
keer terug naar waar het afscheid zucht
Wieg in iedere kamer
mijn angstdromen in slaap.

Voor mij, dochter
heb voor mij dit rechtschapen land lief
Hou van mijn Georgië, voor mij.

2 Dies Irae

Dies Irae, dies illa
Solvet saeclum in favilla
Teste David cum Sibylla.

Quantus tremor est futurus,
Quando judex est venturus,
Cuncta stricte discussurus !

Tuba mirum spargens sonum
Per sepulcra regionum
Coget omnes ante thronum.

Mors stupebit et natura
Cum resurget creatura
Judicanti responsura.

Rex tremendae majestatis
Qui salvandos salvas gratis,
Salva me, fons pietatis.

Recordare, Jesu pie,
Quod sum causa tuae viae,
Ne me perdas illa die.

Lacrymosa dies illa
Qua resurget ex favilla
Judicandus hormo reus.

Huic ergo parce, Deus,
Pie Jesu Domine,
Dona eis requiem. Amen

2 De dag der toorn

De dag der toorn, op die dag
zal de wereld tot as vergaan
zo getuigen David en de Sibylle.

Welk een angst zal er zijn
wanneer de rechter zal komen
om alles streng te oordelen

De bazuin, een vreemd geschal verspreidend
over de graven van alle landstreken,
zal allen vóór de troon samenroepen.

De dood zal verstommen en leven ook,
wanneer de schepping zal herrijzen
om zijn rechter rekenschap te geven.

Vorst van ontzaglijke majesteit,
die zult redden wie waard is behouden te worden,
red ook mij, gij bron van genade!

Gedenk, lieve Jezus,
dat ik de reden van uw komst ben,
richt mij die dag dan niet te gronde.

Die dag vol van tranen,
waarop uit zijn as zal verrijzen
om geoordeeld te worden, de zondige mens.

Spaar dan deze mens, mijn God;
Lieve Here Jezus,
schenk hen de rust. Amen.

3 Alilo

otsdaxutsa am tveso
qriste dabadebula

alilo bicho
madli maxarobelsa

madli maxarobelsa
shoba gatenebula

alilo bicho
madli maxarobelsa

saxlo salxinod nagebo
samxiarulod nacveto

alilo bicho
saxlo gmertma agashenos

3 Alilo

De 25e van deze maand
Is Jezus Christus geboren

Halleluja vriend
Gods genade aan de boodschapper

Gods genade aan de boodschapper
kerst is gekomen

Halleluja vriend
Gods genade aan de boodschapper

Dat er in deze familie altijd
geluk en vreugde mag zijn

Halleluja vriend
Dat God u zegene

4 Lode à una simpatica zitella

À titulu d’amicizia
Credu di fà mi un duvere
Fendu prova di franchizia
Dicendu le cose vere
Per tè luminosa stella
Cunsacru u mio sapere

ùn hè micca pè a scusa
s’e ti facciu sta riclama
sappia bè chì la mio musa
hè tuttu ciò ch’ella brama
di stende per ogni locu
la to calurosa fiama

sè degna d’esse laudata
è d’avè tutti l’onori
da tutti i gran signori
ti meriti di riceve
oghje e più belli fiori

lu to carattere hè d’oru
perfetta hè a to parsona
frà e zitelle sè un decoru
di a dignità a padrona
di l’onore è di a stima
poi purtà a corona

tù sè bella è graziosa
eppò ricca di ciarbellu
lu ghjornu ch’è tù sì sposa
beatu puru sarà quellu
chì cuglierà u to fiore
è ti mittarà l’annellu

sò cuntentu credi puru
per la to sudisfazione
è ne sò più cà sicuru
ch’` avaraghju l’occasione
d’abbraccià ti un’antra volta
teneramente è cun affezzione

4 Lofzang voor een aardig meisje

Op grond van de vriendschap
meen ik mijn plicht te vervullen
door blijk te geven van openhartigheid
en door ware dingen te vertellen
aan jou, lichtende ster
wijd ik mijn kennis

Het is niet bedoeld als smoesje
dat ik je dit verkondig
je moet goed beseffen dat mijn muze
alleen nog maar brandt van verlangen
om overal ter wereld
jouw warme vuur te verspreiden

Je bent het waard geprezen te worden
en om alle eer te krijgen
en je verdient het om te ontvangen
van alle sjieke heren
vandaag nog, de allermooiste bloemen

Je karakter is van goud
je lichaam volmaakt
je bent een sieraad onder de meisjes
de meesteres van de waardigheid
van eer en van respect
mag jij de kroon dragen

je bent mooi en elegant
en ook nog rijk van geest
Op de dag dat jij de bruid bent
is toch wel gezegend degene
die jouw bloem zal mogen plukken
en je de ring zal omdoen

ik ben tevreden, geloof me maar,
met jouw voldoening
en ik ben er meer dan zeker van
dat ik de gelegenheid zal krijgen
om je een andere keer te omhelzen
teder en met genegenheid

5 Benedictus

Benedictus Dominus Deus Israel, quia visitavit et fecit redemptionem plebis suae.

Et erexit cornu salutis nobis in domo David pueri sui.

Sicut locutus est per os sanctorum qui a saeculo sunt, Prophetarum ejus.

Salutem ex inimicis nostris et de manu omnium qui oderunt nos.

Ad faciendam misericordiam cum patribus nostris, et memorari testamenti sui sancti.

……

Et tu, puer, Propheta Altissimi vocaberis : praeibis enim ante faciem Domini parare vias ejus.

…….

Illuminare his qui in tenebris et in umbra mortis sedent, ad dirigendos pedes nostros in viam pacis.

5 Lofzang van Zacharias

Geprezen zij de heer, de God van Israël, omdat Hij omziet naar zijn volk en het bevrijdt.

Een redder heeft Hij ons verwekt
in het geslacht van David, zijn getrouwe.

Zoals Hij reeds van oudsher had verklaard bij monde van zijn heilige profeten.

Verlossing uit de macht van onze vijanden en uit de hand van allen die ons haten.

Zo zal Hij onze vaderen barmhartig zijn, en zijn heilig verbond gestand doen.

……

En gij, kind, zult profeet zijn van de Allerhoogste: want gij gaat voor de Heer uit om zijn weg te banen.

……

Om licht te brengen in de duisternis en de schaduw van de dood en onze voeten te geleiden op een weg van vrede.

7 Beati

Beati i cumaccati
Sò soii i celi
Beati l’afflitti
Francaranu u dolu
Beati I tullerenti
Avaranu a tarra in parte
Beatu à chì ghjustizia abbrama
Accimatu sarà

Beatu à chì cumpate
Arricarà a cumpassione
Beati i limpidi cori
Saranu à vede à Diu
Beati i paceri
Saranu chjamati figli di Diu
Beati i ghjusti tramannati
Li sò cuncessi I celi

Beati, beati sì
In lu disprezzu, i turmenti è u fele
Per via di mè
Beati pè u sempre
E ‘ divizia in li celi
Chì nanz’à voi
Hè cusì ch’elli funu strapazzati i prufeti

7 Zaligsprekingen

Zalig de armen van geest,
want hunner is het Koninkrijk der Hemelen,
Zalig zij die treuren,
want zij zullen vertroost worden,
Zalig de zachtmoedigen,
want zij zullen de aarde beërven,
Zalig zij die hongeren en dorsten naar gerechtigheid,
want zij zullen verzadigd worden.

Zalig de barmhartigen,
want hun zal barmhartigheid geschieden,
Zalig de reinen van hart,
want zij zullen god zien.
Zalig de vredesstichters,
want zij zullen kinderen Gods genoemd worden,
zalig de vervolgden om der gerechtigheid wil,
want hunner is het Koninkrijk der hemelen

Zalig zijt gij,
wanneer men u smaadt en vervolgt en liegende allerlei kwaad van u spreekt,
om mijnentwil
Verblijdt en verheugt u,
want uw loon is groot in de hemelen
Want evenzo vervolgde men
vóór jullie de profeten

8 U cantu di l’acqua

Di sole ch’asciuva
Sì uva di fole
Di lacrima finta
Sì brama, arrivinta

Di lacrima franca
Sì spera stanca
À dì l’errente
Sì la surgente

Da u ciò chì fù à l’esse
ripigliu
À intilà è tesse sì tù

À torce vita da ripa in sù
Sì l’ora d’andà è l’aspru mai più

È sbarsi vita
È porghji morte
Sì scioru d’orte
Aria tradita

Sì sangue chì corre
À guarciu destinu
Sì dolce licore
È pessimu vinu

8 Het lied van het water

Van de zon die dor maakt
Ben je de sprookjesdruif
Van de geveinsde traan
Het verlangen, de omweg

Van de oprechte traan
Ben je de uitgebluste hoop
De bron ben je
Die verhaalt van het dolen

Van wat geweest is tot wat zich herhaalt
Ben je schering en inslag
Van de oever landinwaarts verwring je het leven
Ben je uur van vertrek en het bittere eind

En stroom je over van leven
En reik je de dood aan
Verkoel je het land
Bedrogen bries

Je bent bloed dat stroomt
Waar het lot half blind is
Je bent zoete likeur
En de slechtste der wijnen

9 Nanna

Naninai nanasao nanina
Naninai nanasao

Ezineba chem pataras nanina
naninai nanasao

es akvani bjolisao nanina
shiga mcoli brolisao

chem bichs zili mosveneba nanina
shen mters chiri mochveneba

naninai nanasao nanina
naninai nanasao

9 Nanna

Naninai nanasao nanina
(het ritme van deze woorden wiegt het kind in slaap.)

Mijn kleintje wil slapen
Slaap lekker

In die wieg van riet
Slaapt mijn schat

De slaap, de rust aan mijn jongen
De geest aan zijn vijand

Naninai nanasao nanina
Naninai nanasao nanina

10 Meditate

Voi che vivete sicuri
Nelle vostre tiepide case,
Voi che trovate tornando a sera
Il cibo caldo e visi amici :
Considerate se questo è un uomo
Che lavora nel fango
Che non conosce pace
Che lotta per mezzo pane
Che muore per un sí o per un no.
Considerate se questa è una donna,
Senza capelli e senza nome
Senza piú forza di ricordare
Vuoti gli occhi e freddo il grembo
Come una rana d’inverno.

Meditate che questo è stato :
Vi comando queste parole.
Scolpitele nel vostro cuore
Stando in casa andando per via,
Coricandovi alzandovi ;
Ripetetele ai vostri figli.

O vi si sfaccia la casa,
La malattia vi impedisca,
I vostri nati torcano il viso da voi.

10 Overdenk

Jullie die leven in geborgenheid
In de warmte van je huizen
Jullie die ’s avonds bij het thuiskomen
Warm eten vinden, en vriendelijke gezichten:
Overweeg of dit een mens is
Die zich afbeult in de modder
Die geen vrede kent
Die strijdt voor een snee brood
Die sterft om een ja of een nee
Overweeg of dit een vrouw is,
Zonder haar en zonder naam
Zonder nog de kracht om te herinneren
Leeg haar ogen, kil haar schoot
Als een kikker in de winter

Blijf overdenken dat dit heeft bestaan:
Ik draag jullie deze woorden op
beitel ze in jullie hart
als je thuis bent, als je op weg bent
bij het slapen gaan en bij het opstaan;
geef ze door aan je kinderen

Moge anders je huis uiteenvallen
Een ziekte je het leven zuur maken
Je kinderen hun gezicht van je afwenden.

11 Liberata

Alba in le corte nielle
A’ l’orlu di l’esistenza frusta
Spire a parolla ghjusta
Sott’ à una coltra di centu stelle

In la notte imbariata
Ci funu l’omi à viaghjà
L’assaltu era di sperà
E’ scuppiò cum’è una cantata

Antone, Ghjuvanni, Paulu Sà
Numucci chì vinite à gallu
A vostra vita fù rigalu
Fattu ancu à quellu ch’ùn la sà

Machje, cità, doli, surrisi
L’anni sò corsi in lu campà
Ma una pagina si stà
Aparta annant’à i vostri visi.

11 Bevrijd

Dageraad fluisterde, in duistere tuinen
Aan de rand van het versleten bestaan,
Fluisterde het juiste woord
Onder een deken van honderden sterren.

In de onverbiddelijke nacht
Waren de mannen op reis
De aanval was er een van hoop
En barstte los als een gezang.

Antoine, Jean, Paul-Toussaint
dierbare namen die boven komen drijven
jullie leven was een geschenk
ook voor degene die er geen weet van heeft.

Maquis, steden, verdriet, glimlachjes
De jaren van ons leven zijn vergleden
maar één bladzijde blijft openliggen,
leesbaar op jullie gezichten.

12 Scherzi veranili

Veranu s’avvicina
cù a so spiscina
di rinnovi
si scioglienu i penseri
à l’orli di l’addisperi
ritrovi

Frizineghja a virdura
accampata è intimurita
allora chì nù a pianura
pecurella incuragita
aspetta à lana sicura
a furbiccia rughjinita

Nivone scalzu viaghja
nant’à e cime sculurite
u cantu di a lamaghja
aguatta tante ferite
fruttu di fede tascaghja
è di mani incuginite

Veranu s’intasta
cù a so catasta
di pazzia
è voganu i filari
in l’andati dolci amari
di Puesia

12 Lentekriebels

Lente komt naderbij
met haar piezelstraaltje
van nieuwigheidjes
zorgen komen los
op de grens van wanhoop
hervonden

Het gebladerte beeft
belaagd en bevreesd
terwijl in de vlakte
het stoere schaapje
zeker van haar wol, wacht
op de roestige schaar

Blootsvoets trekt de sneeuwjacht
over de verbleekte bergtoppen
het hoekje war de braam groeit
bespiedt
geduldig de vele wonden
vrucht van zakkenvullerssgeloof
en geschramde handen

Lente blijft eigengereid,
met haar stapels
van zotheid
en de verzen vloeien voort
door de bitterzoete gangen
van de Poëzie

13 Cuntrastu

Ellu:
da tandu aghju lavuratu
sò famitu cum’è un cane
duie mi n’aghju vultatu
di trè picce di pane
dà capu à u to maritu
chì ha ragiò d’esse famitu

Ella:
ùn serai cusì famitu
chì vistu ai l’innamurata
è per quantu aghju capitu
era tutta infarinata
fattu avia i mugliaccioli
per voi altri dui soli

Ellu:
O ch’è tù scia scuntirnata
hè custì ch’ellu ti sente
finchì ùn t’aghju intarrata
un possu più vede ghjente
parchè sè tù una ruffione
m’ai messu u taglione

Ella:
O s’era sola una ruffione
sò ruffione ch’è di tè
O sin’à i ghjorni d’oghje
eiu a possu dì chì hè
ma s’e trovu à fà cumpari
vogliu ch’è no siamu pari

Ellu:
fà ne puru quantu ti pare
ma fà ch’o ùn li cunosca
o sinò l’ampargu à piscare
a piscà incù l’enza è a mosca
è incù l’ami latruneschi
à ch’ùn sà piscà n’ùn peschi

Ella:
Tù cù l’ami è cù e nasse
ti ciotti per tutte l’onde
è pigli e pesce grasse
tupizzute è grappitonde
eppò nentru à u to fiume
ùn ci voli torbe lume

13 Mot

Hij:
Aangezien ik heb geploegd
heb ik honger als een paard
twee heb ik er mee teruggebracht
van drie dubbele boterhammen
besteed wat aandacht aan je man
die met recht uitgehongerd is

Zij:
Zo’n honger zal je toch niet hebben
want je hebt je liefje gezien
en voor zover ik heb begrepen
was ze geheel bedekt met meel
zoete broodjes had ze gebakken
alleen voor jullie twee…

Hij:
Ach mens krijg toch het heen en weer
dát is dus wat je niet zint
totdat ik je onder de grond heb gestopt
kan ik me niet meer vertonen
want jij bent een ouwe koppelaarster
en hebt me het mes op de keel gezet

Zij:
Och, was ik maar een koppelaarster
ik koppel toch alleen voor jou
tot op de dag van vandaag
kan ik zeggen wat er speelt
maar als ik dan al koppels maak
wil ik dat wél we gelijk staan

Hij:
maak er maar zoveel je wilt
maar zorg dat ik ze nooit leer kennen
want anders zal ik ze eens leren vissen
vissen met de haak en de vlieg
en degene die niet kan vissen
visse niet met rovershaken!

Zij:
Jij, met je haken en je netten,
jij gaat in iedere golf kopje onder
en je vangt de vetste vissen
met dikke koppen en ronde lijven
maar het water in jouw rivier
kan het daglicht niet verdragen

14 Treblinka

Di notte è pò di nebbia ne era u viaghju
Mezu à tarre silenziu, immaculate stese
Cù u morsu cutratu d’un eternu farraghju
Per pate ne di l’omi e pessime offese

Maiò, donne è zitelli imbulighjati è stretti
Mandati da ‘ssi treni à u murtale esigliu
À una sorte indegna, à ghjorni maladetti
Per di l’idee tonte paspà ne u berbigliu

A sperenza ne campa ancu in lu bughju cecu
A voglia di fighjà torna u sole nasce
È mezu à notte è nebbia una luce ci vecu
A vita cerca sempre un pratu novu à pasce

Maiò, donne è zitelli decisi tutti inseme
N’un soffiu di rivolta, brama di libertà
Una volta è pò centu anu accesu di speme
E notte di ‘ss’infernu chjamatu Treblinka

Finite e rivolte, ne ferma u sbilanciu
Parechji si sò morti, pocu ne sò scappati
Ma à tutti l’hè parsu un distinu più danciu
D’andà si ne arritti c’à campà indinuchjati

A sperenza ne campa ancu in lu bughju cecu
A voglia di fighjà torna u sole nasce
È mezu à notte è nebbia una luce ci vecu
A vita cerca sempre un pratu novu à pasce

14 Treblinka

Hun reis was van nacht en daarna van nevel
Door stille landerijen, ongerepte vlaktes
In de bijtende kou van een oneindige februari
Om de gruwelijkste wandaden van de mens te verduren

Mannen, vrouwen en kinderen, dicht opeengepakt
Meegevoerd door die treinen naar de dodelijke ballingschap
Naar een onwaardig lot, naar vervloekte dagen
Om het prikkeldraad van gestoorde ideeën te ervaren

Hoop blijft ook leven in de blinde duisternis
Het verlangen de zon toch weer op te zien gaan
En te midden van nacht en nevel ontwaar ik een licht
Het leven zoekt altijd nieuw land om te grazen

Mannen, vrouwen en kinderen vastberaden bijeen
In een bries van verzet, verlangend naar vrijheid
Éénmaal en honderdmaal verlichtten zij met hun hoop
De nachten van die hel die Treblinka heet

Na de opstand blijft het leven ontwricht
Velen zijn gestorven, slechts enkelen ontkomen
Maar allen beschouwden het als een waardiger lot
Om rechtop heen te gaan, veeleer dan geknield te leven

Hoop blijft ook levend in de blinde duisternis
Het verlangen de zon toch weer op te zien gaan
En te midden van nacht en nevel ontwaar ik een licht
Het leven zoekt altijd nieuw land om te grazen